Windmolens op zee voor de Zeeuwse kust: wat levert het op en wat zijn de zorgen?

Windmolens op zee voor de Zeeuwse kust: wat levert het op en wat zijn de zorgen?

Wie op een heldere dag bij Westkapelle of Domburg over zee kijkt, ziet soms iets wat daar vroeger niet stond: een rij turbines aan de horizon. Ver weg, maar wel zichtbaar. Het gaat om het windenergiegebied Borssele, 24 tot 51 kilometer uit de kust van Zeeland.

Daarmee is wind op zee Zeeland allang geen plan op papier meer. De parken draaien. De stroom gaat het net op. En tegelijk blijft de discussie bestaan. Want wat voor de een een logisch onderdeel is van de energietransitie, is voor de ander vooral een ingreep in uitzicht, visserijgebied en zeeleven.

In Zeeland komen die vragen snel dichtbij. Niet als abstract debat, maar als iets wat je ziet vanaf het strand, terughoort in de haven en merkt in gesprekken over werk, natuur en ruimte op de Noordzee.

Wat er precies voor de kust staat

Het windenergiegebied Borssele bestaat uit drie onderdelen: Borssele I/II, Borssele III/IV en Borssele V. Samen gaat het om 173 turbines met een totale capaciteit van 1502,5 megawatt.

Borssele I/II telt 94 turbines en heeft een capaciteit van 752 megawatt. Borssele III/IV bestaat uit 77 turbines en komt uit op 731,5 megawatt. Borssele V is veel kleiner, met 2 turbines en 19 megawatt.

De parken kwamen in bedrijf in 2020 en 2021. Sinds 2021 is het hele gebied operationeel. Daarmee kreeg Zeeland er op zee een groot energieproject bij, al staan de turbines op flinke afstand van Walcheren en de rest van de kust.

Die schaal maakt ook duidelijk waarom het onderwerp blijft leven. Dit zijn geen losse windmolens langs een dijk, maar een compleet gebied op zee dat een vaste plek heeft gekregen in het uitzicht en in het gebruik van de Noordzee.

Hoeveel stroom leveren de windparken op?

Bij dit soort projecten wordt de opbrengst vaak uitgedrukt in aantallen huishoudens. Dat maakt het voorstelbaar, al blijft het een rekenmanier en geen directe levering aan losse woningen.

Borssele I/II kan volgens die gebruikelijke berekening stroom leveren voor ongeveer 1 miljoen huishoudens. Borssele III/IV komt uit op ongeveer 825.000 huishoudens. Voor het totale gebied wordt vaak gerekend met potentieel 1,7 miljoen huishoudens.

Daarmee speelt Zeeland een zichtbare rol in de landelijke stroomvoorziening. De windparken voor de kust zijn gebouwd voor duurzame energie op grote schaal. Dat is ook de reden dat het project vaak terugkomt in gesprekken over klimaatbeleid en de overgang naar minder fossiele energie.

Bij die discussie hoort ook het argument van CO2-uitstoot. Als algemene maatstaf wordt vaak genoemd dat stroom voor 1 miljoen huishoudens kan samengaan met een reductie van ongeveer 2,2 miljoen ton CO2 per jaar. Dat cijfer zegt niet alles over de praktijk, maar het laat wel zien waarom de rijksoverheid en energiebedrijven zwaar inzetten op wind op zee.

Wat Zeeland er economisch van merkt

Voor Zeeland gaat het niet alleen om stroom. De aanleg van de parken en het onderhoud leveren ook werk op. Dat past bij een provincie waar havens, techniek en werken op of aan zee al lang onderdeel zijn van de economie.

Hoe groot dat effect precies is, verschilt per fase. Tijdens de bouw is ander werk nodig dan in de jaren daarna. Ook komt niet al het werk automatisch in Zeeland terecht. Toch is het voor bedrijven in en rond de havens wel degelijk een project dat kansen biedt.

Daarnaast is er geld beschikbaar gekomen voor de provincie in verband met de aanlanding van kabels. Daarbij wordt gesproken over 49 tot 50 miljoen euro voor leefbaarheid. Dat maakt het onderwerp concreter aan land. De windparken staan op zee, maar de infrastructuur en de gevolgen raken ook Zeeland zelf.

Sommigen kijken ook naar medegebruik van het gebied. In delen van windparken kan, na toestemming, ruimte ontstaan voor andere activiteiten. Dat ligt gevoelig en hangt af van regels en vergunningen, maar het laat wel zien dat de Noordzee steeds meer een gebied wordt waar functies naast elkaar moeten passen.

Waarom er zorgen zijn over natuur en zeeleven

De bezwaren tegen windmolens op zee Zeeland gaan vaak eerst over de natuur. De Noordzee is geen leeg vlak. Het is een leefgebied voor vogels, vissen, zeezoogdieren en andere soorten die afhankelijk zijn van rust, voedsel en trekroutes.

Bij windparken zijn er zorgen over vogels en vleermuizen die in aanraking kunnen komen met turbines. Tijdens de bouw speelt vooral onderwatergeluid een grote rol. Heien en ander zwaar werk op zee kunnen dieren verstoren. Daarvoor gelden normen, juist omdat bekend is dat geluid onder water ver draagt.

Ook na de bouw blijven er vragen. Er wordt gewezen op mogelijke veranderingen in stroming, waterkwaliteit en het gedrag van soorten in en rond het park. Niet alles is daarover eenvoudig of definitief vast te stellen. Dat maakt het onderwerp ook gevoelig. Voorstanders wijzen op duurzame stroom en minder uitstoot. Critici zeggen dat de effecten op het zeeleven nog lang aandacht vragen.

In Zeeland krijgt dat debat extra gewicht. De band met water is hier geen bijzaak. De Noordzee, de Oosterschelde en de Westerschelde horen bij het dagelijks leven, bij werk en bij hoe mensen naar hun omgeving kijken. Dan is een ingreep op zee al snel meer dan een technisch project.

Visserij en scheepvaart op een volle Noordzee

Op de kaart lijkt de Noordzee ruim. In de praktijk is het een druk gebruikt gebied. Scheepvaart, visserij, natuur, zandwinning, kabels en energieprojecten vragen allemaal om plek.

Het windenergiegebied Borssele is niet vrij toegankelijk voor gewone doorvaart. Er is wel een corridor voor schepen tot 45 meter. Dat betekent dat de komst van windparken ook gevolgen heeft voor routes op zee.

Voor de visserij ligt dat nog gevoeliger. Vissers wijzen al langer op de stapeling van claims op de Noordzee. Als windparken ruimte innemen, blijft er minder gebied over om rendabel te vissen. Ook worden mogelijke effecten op paaigebieden genoemd.

Dat zijn in Zeeland geen verre zorgen. In plaatsen als Vlissingen, Yerseke en Bruinisse is de relatie met visserij en water nog altijd sterk. Juist daarom lopen de meningen uiteen. De een ziet wind op zee als noodzakelijke ontwikkeling. De ander vraagt zich af hoeveel ruimte er nog overblijft voor beroepen die al generaties bij de kust horen.

Zicht aan de horizon blijft een Zeeuws gesprek

De turbines staan tientallen kilometers uit de kust, maar bij helder weer zijn ze zichtbaar. Vooral vanaf Walcheren wordt dat genoemd, onder meer bij Westkapelle en Domburg.

Voor sommige mensen is dat een aantasting van het vrije uitzicht over zee. Voor anderen weegt dat minder zwaar, of hoort het inmiddels bij een veranderend landschap. Die verschillen zijn moeilijk weg te rekenen, omdat het uiteindelijk ook gaat over beleving.

In Zeeland is dat geen klein punt. De open horizon hoort voor veel mensen bij de kust. Niet als romantisch idee, maar gewoon als iets vertrouwds. Wie vaak op het strand komt, merkt het meteen als die lijn verandert.

Ook geluid komt terug in het gesprek, al speelt dat op deze afstand anders dan bij windmolens op land. Er gelden normen en technische eisen. Toch blijft het onderwerp rondzingen, vaak samen met bredere vragen over hinder en zichtbaarheid.

Een onderwerp waar Zeeland niet simpel over denkt

Het windenergiegebied Borssele laat goed zien hoe ingewikkeld grote veranderingen op zee zijn. De parken leveren veel duurzame stroom op. Ze brengen werk mee en geld voor leefbaarheid rond de aanlanding van kabels. Tegelijk zijn er zorgen over natuur, visserij, scheepvaart en het uitzicht vanaf de kust.

Dat maakt dit onderwerp in Zeeland niet zwart-wit. Het is geen kwestie van alleen voor of tegen. Veel mensen erkennen dat er meer duurzame energie nodig is, maar vragen tegelijk wat dat betekent voor de Noordzee en voor de provincie die eraan ligt.

Juist daarom blijft het gesprek terugkomen. Op het strand, in de haven, aan de keukentafel. De turbines staan ver weg, maar voor Zeeland voelt het onderwerp dichtbij.

FAQ

Hoeveel turbines staan er in het windenergiegebied Borssele?

In totaal staan er 173 turbines: 94 in Borssele I/II, 77 in Borssele III/IV en 2 in Borssele V.

Hoe ver liggen de windparken uit de kust van Zeeland?

Het gebied ligt op ongeveer 24 tot 51 kilometer uit de Zeeuwse kust.

Zijn de windmolens zichtbaar vanaf Walcheren?

Ja, bij helder weer zijn ze vanaf delen van Walcheren te zien, onder meer bij Westkapelle en Domburg.

Hoeveel huishoudens kunnen van stroom worden voorzien?

Voor het hele gebied wordt vaak gerekend met potentieel 1,7 miljoen huishoudens. Dat is een gebruikelijke rekenmethode om de opbrengst aan te geven.

Wat zijn de belangrijkste zorgen?

De meeste zorgen gaan over natuur en zeeleven, ruimte voor visserij, scheepvaart en de zichtbaarheid van de turbines aan de horizon.

Levert het project ook iets op voor Zeeland zelf?

Ja. De aanleg en het onderhoud leveren werk op, en er is 49 tot 50 miljoen euro beschikbaar gekomen voor leefbaarheid rond de aanlanding van kabels.


Posted

in

by

Tags:

Comments

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *